Vertragen is verdragen: hoe je zenuwstelsel reguleren de sleutel is tot duurzame verandering
Ze vertelt over een vervelend gesprek met een collega. De situatie houdt haar bezig. Terwijl ik luister, is mijn brein al drie stappen verder. Ik weet dat ze moeite heeft met grenzen aangeven en herinner me de oefening die we de vorige keer deden. En ik zie al wat ze anders kan doen.
Met anderhalf oor luister ik verder. Knik. En knik nog eens. Ondertussen haal ik alvast adem om te kunnen reageren. Alleen nog even wachten tot zij ademhaalt. Ik recht alvast mijn rug – en merk dat ik dit doe.
Ho. Stop.
Hoe kom je uit de fixstand? Zenuwstelsel reguleren in het moment
Twee tellen voel ik mijn voeten op de grond. Ik leun tegen de rugleuning van mijn stoel. Adem een keer langer uit dan in. Elektrische pulsen schieten door mijn armen naar mijn handen. Mijn systeem wil in de actie.
Ik kijk haar aan. “Ogenblikje. Ik merk dat mijn hoofd al bezig gaat met de oplossing. Mijn systeem schiet in de fixstand. Even reguleren, anders kan ik niet goed naar je luisteren.” Ze knikt.
Ik ontspan mijn spieren en laat de activatie door mijn lichaam bewegen. Een golf van hitte schiet vanuit mijn maag omhoog naar mijn schouders en armen. Mijn adem stokt en mijn handen bewegen van vuisten naar ontspannen en weer terug. Mijn voeten spannen aan, klaar om te gaan lopen. Alles in mijn lijf roept ‘doen-doen-doen’. Van binnen is het alle hens aan dek.
Stap voor stap ontspan ik mijn nek en mijn schouders, mijn armen en mijn handen. Nu worden mijn kaken vierkant. Ook die ontspan ik. En glimlach. “Oké, mijn zenuwstelsel wil je echt heel graag helpen.” Ze lacht. Herkenning.
Langzaam nemen de activatiegolven af. Mijn bovenlijf ontspant, mijn adem zakt weer naar mijn buik. Mijn voeten staan weer op de grond. Ik knik tevreden. Beter.
Nu kijk ik haar aan. “Laat me even kijken of ik je goed gehoord heb.” Stap voor stap benoem ik de situatie die ze beschreef. “Zeg ik het goed zo? Of ga ik ergens scheef?” Terwijl ze nadenkt, blijf ik mijn lijf voelen. Mijn voeten op de grond, mijn rug tegen de rugleuning van mijn stoel.
“Ja, klopt.” “Oké, mooi. Kun je me vertellen wat er op dat moment in je omging?” Samen nemen we het gesprek door. Terwijl zij bij haar lijf blijft, zoomt ze in op het moment dat ze een ‘nee’ voelde en dat negeerde.
Waarom ‘even snel’ fixen je verandertraject vertraagt
Wat hier in mijn systeem gebeurde noem ik de fixstand. Een reflexreactie als gevolg van een activatiepiek in mijn autonome zenuwstelsel. Hierdoor schoot het uit zijn verbindende chillzone en ging het fixen, mijn vechtstand in actie.
In de fixstand zie en schakel ik snel. Ik weet wat de ander nodig heeft. En voor ik het in de gaten heb, haal ik adem om haar uit te leggen hoe ze daar kan komen. Terwijl zij nog bezig is om voor zichzelf helder te krijgen wat er in dat gesprek is gebeurd en hoe haar zenuwstelsel dat ervaren heeft.
Nu voelt ‘even fixen’ vaak niet als een probleem. Eerder als een toffe competentie. En dat is het ook. Goud in een crisis en een valkuil in een duurzaam veranderingsproces. Bij het laatste verlies ik mijn verandergezelschap; ik kom tevreden -en alleen- bij de finish aan.
Of ik nu een begeleidingsgesprek heb met een coachee of een evaluatie met een collega, of dat ik een team mee wil nemen in een veranderingsproces: verandering vraagt om ophalen en gelijk op blijven lopen. En dus om de kunst van vertragen.
Wat is de kunst van vertragen in gesprek en werk?
Vertragen is voor ons snelle denkbrein een uitdaging. En al helemaal op een activatiemoment. Dan voelt vertragen zelfs tegennatuurlijk.
Wanneer ons brein een oplossing ziet, krijgt ons autonome zenuwstelsel een activatiepiek die maakt dat we willen bewegen. Dit is het. Gaan. Aanpakken. Op zo’n moment pas op de plaats maken, voelt als remmen terwijl alles in ons gas geeft.
Tegelijkertijd is vertragen precies wat hier nodig is.
Als eerste voor onszelf. Alleen door te vertragen kom ik uit die automatische fix-piloot. Kan ik in mijn lichaam voelen waar er gas wordt gegeven. En kan ik de onderliggende activatiepiek er laten zijn, zonder er in mee te hoeven. Waardoor mijn vechtstaat kalmeert en mijn verbindende chillzone weer online komt.
En vertragen is makkelijker gezegd dan gedaan. Het vraagt iets wat ons zenuwstelsel niet vanzelf kent: verdraagkracht.
Wat is verdraagkracht? Somatic capacity in drie pijlers
Peter Levine, grondlegger van Somatic Experiencing, noemt dit somatic capacity: het vermogen om de up- en downgolven van activatie in je lijf te laten bewegen zonder erdoor getriggerd te raken.
Binnen Autonoom Leiderschap is verdraagkracht een capaciteit die we kunnen trainen aan de hand van drie pijlers die elkaar versterken.
De eerste pijler is onze binnenaandacht. Niet nadenken over wat je voelt, maar rustig opmerken wat er in je lijf beweegt. Zonder deze aandachtsspier geef je al gas voordat je doorhebt dat je zenuwstelsel in een overlevingsstand zit.
Meer binnenaandacht betekent dat er meer informatie ons brein binnenkomt. Dit vraagt om het trainen van de tweede pijler: je prikkelverwerkingssysteem. Kan dit systeem deze toename nog niet dragen, dan voelt vertragen niet rustgevend maar overweldigend.
Precies daarom is de derde pijler zo bepalend: onze chillzone. Een neurale ruimte in ons autonome zenuwstelsel waarin activatie op kan komen en uit kan golven, zonder dat we erdoor getriggerd raken.
Hoe sterker deze drie pijlers, hoe groter onze verdraagkracht en hoe beter we kunnen vertragen. Hiermee openen we de deur naar wat er dan mogelijk wordt.
Wat is joinen? De kracht van veilige verbinding bij verandering
Vanuit een getrainde chillzone wordt mogelijk wat in die fixstand ondenkbaar was: een veilige verbinding, nodig voor duurzame verandering.
Dit heeft alles te maken met hoe ons zenuwstelsel naar verandering kijkt.
Ons autonome zenuwstelsel ervaart verandering als bedreigend. Nieuw is onbekend en onbekend is onveilig. Daarom werkt duurzame verandering alleen in deze volgorde: eerst veiligheid, dan verbinding, dan verandering.
Met mijn chillzone online kan ik me weer veilig verbinden en de ander ophalen waar die gebleven is. Niet door een slimme gesprekstechniek toe te passen, maar door aan te voelen waar die ander met zijn of haar zenuwstelsel is. En hier rustig bij te blijven, zonder erin mee te gaan of ervan af te willen. Joinen noem ik dit.
Door te joinen geef ik een ander zenuwstelsel de meest veilige boodschap die we kunnen geven: ‘ik ben hier, ik voel waar jij bent en ik blijf gereguleerd’. Zonder dat er iets wordt gezegd, pikt de veiligheidsradar van mijn gesprekspartner dit op en activeert het de eigen chillzone. Hij of zij kan weer rustig onderzoeken, experimenteren en nieuwe stappen zetten. We kunnen weer samen verder.
Micro-oefening: hoe train je verdraagkracht?
Herken jij momenten dat jouw systeem in een fixreflex schiet? Experimenteer dan eens met deze micro-oefening:
- Stop met wat je aan het doen bent.
- Tel tot vijf en richt ondertussen je aandacht naar binnen.
- Ontspan één voor één je spieren en laat de activatiegolven door je lichaam bewegen, zonder er verder iets mee te doen.
- Herhaal deze oefening iedere keer wanneer je een activatiepiek op voelt komen.
Met deze micro-oefening leer je je zenuwstelsel stap voor stap: dit kan ik verdragen. En dit. En dit ook.
Precies hier begint duurzame verandering. Niet in fixen, maar in kunnen blijven.